sopraan

mannelijk/vrouwelijk (de)/soˈpran/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) hoogste van de vier hoofdstemmen die de toonkunst onderscheidt, hoogste vrouwenstem of kinderstem
  2. muziek (muziek) hoogste tonen voortbrengende variant van een aantal muziekinstrumenten, zoals sopraansaxofoon
  3. persoon, muziek (persoon) (muziek) vrouw of kind met de hoogste zangstem

Etymologie

*van "soprano", in de betekenis van ‘hoogste vrouwenstem’ aangetroffen vanaf 1824

Vertalingen

Spaanssoprano, tiple