sparing

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleine ruimte die is opengelaten
    Enkele gasten van het bruidspaar moeten bijna halsbrekende toeren uithalen om bij het toilet te komen; want het toilet is op deze verkiezingsdag in het Almelose stembureau en toegankelijk via een kleine sparing tussen de schotten.
  2. het niet gestraft of vernietigd worden
    Daar nu deze gelovigen zo zuchten over Jeruzalems gruwelen en uitroepen om bewaring daartegen en tegen de plagen die daarop volgen, is het geen wonder dat aan hen sparing en bewaring beloofd wordt.
  3. het sparen
  4. het gespaarde

Etymologie

* sparen

Vertalingen

Engelsrecess, opening
Fransréservation