sperzieboon
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (plantkunde) cultivar van
- (groente) peulvrucht van
Etymologie
* In de betekenis van ‘soort boon’ voor het eerst aangetroffen in 1821
Vertalingen
Engelsgreen bean
Fransharicot vert
Duitsgrüne Bohne
Spaansjudía verde
Italiaansfagiolino, fagiolo verde
Portugeesfeijão-verde, vagem
Russischфасоль стручковая, спаржевая фасоль, зелёностручковая фасоль
Chinees豆角
Japansいんげん豆, サヤインゲン
Koreaans풋강낭콩
Arabischالفاصوليا الخضراء
Poolsfasolka szparagowa zielona, fasolka szparagowa
Zweedsbrytböna, gröna bönor
Deensgrønne bønne
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek