spies

mannelijk/vrouwelijk (de)/spis/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. stokje of staafje om door vlees of ander voedsel te steken, zodat het door ronddraaien van alle kanten kan worden geroosterd
  2. militair (militair) lichte lans

Etymologie

* van "Spieß", in de betekenis van ‘lange speer’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1485