spinazie

mannelijk/vrouwelijk (de)/spiˈnazi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bloemplanten (bloemplanten) bepaald soort snelgroeiende, eenjarige plant,
    Spinazie groeit niet goed op een zure grond.
  2. groente (groente) bladeren van

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘groente’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1377

Uitdrukkingen

  • Ga zo door en je/gij zult spinazie eten.Deze uitdrukking is eigenlijk een verhaspeling van Ga zo door en gij zult Spinoza heten, een verwijzing naar {{wnl|Benedictus de Spinoza|Benedictus de Spinoza
  • Je kunt in zijn nek spinazie zaaien.Hij heeft geen schone nek.

Vertalingen

Engelsspinach
Fransépinard
DuitsSpinat
Spaansespinaca
Italiaansspinacio
Portugeesespinafre
Chinees菠菜
Japansほうれんそう
Koreaans시금치
Turksıspanak
Poolsszpinak, szpinak warzywny
Zweedsspenat
Deensspinat