spoelen

/ˈspulə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. blootstellen aan stromend water
  2. tot een spoel winden

Etymologie

* In de betekenis van ‘afwassen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1270

Vertalingen

Engelsrinse
Fransrincer
Duitsspülen
Spaansenjuagar, enjuagarse
Poolspłukać