spoorwegnet

onzijdig (het)/ˈsporwɛxˌnɛt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. stelsel van met elkaar verbonden spoorwegen
    Hij moest een trein naar Bukowo laten komen, hetgeen gezien de vernielingen die de geallieerde bommenwerpers aan het Duitse spoorwegnet toebrachten, enig gemanipuleer zou vereisen, en hij moest die trein vullen met de schatten uit het paleis vóór Falk von Eschl in het kasteel kon ingrijpen.