spoorwegovergang

mannelijk (de)/ˈsporwɛxˌovərˌɣɑŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. spoorwegen, verkeer (spoorwegen) (verkeer) een gelijkvloerse kruising tussen een verkeersweg en een spoorweg.

Vertalingen

DuitsEisenbahnübergang, Bahnübergang
Spaanspaso a nivel