springstaart

mannelijk (de)/ˈsprɪŋstart/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. dierkunde (dierkunde) benaming voor kleine zespotige bodemdieren uit de klasse
    Toxicologen testen tegenwoordig de schadelijkheid van chemische stoffen vaak met klonen van de watervlo en de springstaart.

Etymologie

*, omdat bijna alle soorten een onder het lichaam gevouwen gevorkte staart, "furcula"', hebben waarmee ze bij gevaar een grote sprong kunnen maken