square
mannelijk (de)/skwɛːr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (pejoratief) iemand die zich richt naar de algemeen gangbare opvattingen en daarom niet tot de verbeelding spreektEr was een tijd waarin de term ‘square’ werd gebruikt om het soort man aan te duiden dat eerlijk, rechtvaardig, loyaal en traditioneel was. Maar dit soort kwaliteiten werd onhoudbaar, en inmiddels is een ‘square’ vooral iemand die ingeslapen, conventioneel, rigide en te traag is voor de tijd waarin hij leeft.
zelfstandig naamwoord
- (verouderd) plein in een bebouwde omgevingHet gemeentebestuur eert de zangeres, die eigenlijk Claudine Luypaerts heette, met een eigen square.
- (verouderd) vierkant stuk grond met aanplantDe grasperken van den Merrion-Square, zoo als die van alle Engelsche Squares, worden voortreffelijk onderhouden, en ofschoon het geheel niet zeer groot is (slechts 12 acres), heeft echter een tuinman, welke in eenen hoek der Square zijne woning heeft, met twee ondertuiniers, immer werk, om het gras en de paden in orde te houden.
Etymologie
[https://www.dbnl.org/tekst/_hol006196701_01/_hol006196701_01_0039.php "Het doel van de reis" in: Hollands Maandblad. jrg. 7 228 (augustus/september 1966) Stichting Hollands Weekblad, Den Haag ]; p. 42; geraadpleegd 2019-05-07
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek