stal

mannelijk (de)/stɑl/

Wat is de betekenis van stal?

stal betekent: (veeteelt) ruimte bestemd voor de huisvesting van dier(en)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. veeteelt (veeteelt) ruimte bestemd voor de huisvesting van dier(en)
  2. sport (sport) een (handels-)onderneming die deelneemt aan wedstrijden met paarden, auto’s en dergelijke
  3. verouderd (verouderd) marktkraam
  4. economie (economie) verkoopruimte bij openbare gelegenheden zoals stations, ziekenhuizen en dergelijke
  5. groep mensen die men onder contract heeft

Voorbeelden van "stal" in een zin

  • Ze helpt mee met het uitmesten van de stallen.
  • Ze zal bij een stal een paard huren.
  • Iedere avond sloop hij stilletjes naar de stal, rolde zich in een paardedeken en sliep lekker in het stro.
  • In internationale concoursen zijn de springpaarden uit zijn stal zeer succesvol.
  • Ik zal wel een bos bloemen kopen bij het stalletje op de brug.

Etymologie

* In de betekenis van ‘verblijf van dieren’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 701

Uitdrukkingen

  • Iets op stal zettenIets afdanken
  • Iets van stal halenIets inzetten
  • Het beste paard van de stalDe beste (van een team e.d.)
  • Het paard ruikt de stalIemand wil graag naar huis.

Vertalingen

Engelsstable, racing stable, stall
Fransétable, écurie, kiosk à fleurs
DuitsStall, Rennstall, Bude
Spaansestablo, cuadra
Italiaansstalla
Portugeesestábulo
Zweedsstall
Deensstald