stamboom

mannelijk (de)/'stɑmbom/

Wat is de betekenis van stamboom?

stamboom betekent: boom van een geslacht, d.i. het geslacht vergeleken bij een boom, waarvan de stam zich telkens meer vertakt

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. boom van een geslacht, d.i. het geslacht vergeleken bij een boom, waarvan de stam zich telkens meer vertakt
  2. tekening die een boom voorstelt, en waarin de leden van een geslacht in hun verschillende graden van verwantschap worden vermeld
  3. boom met rechtopgaande stam

Voorbeelden van "stamboom" in een zin

  • stamboom van het Huis van Oranje.
  • Een stamboom van zijn familie opmaken.

Vertalingen

Engelsfamily tree, pedigree
Spaanspedigrí, árbol genealógico