Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
stampofoon
mannelijk (de)/ˌstɑmpoˈfon/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziek) stok met verschillende slaginstrumenten eraan, zoals die wordt gebruikt door clowns en straatartiesten om hun optreden te begeleidenDe spullen die zij bij zich hebben, de banjofiets waarop je echt kunt fietsen, de stampofoon en de antieke reuzetrekharmonica gaan in het trailermuseum omdat geen enkele stad een echt vast circusmuseum wil hebben.Het wordt het eerste officiële optreden voor de groep, die bestaat uit Tom Stobbelaar (wasbord, stampofoon en zang), Rens Stobbelaar (gitaar en zang), Huub Willems (gitaar en zang) en Cees Hoogesteger (trekzak ofwel harmonica).We kregen een fragment te zien van het vroegere optreden van Ome Maarten met zijn stampofoon, omdat hij kort geleden is overleden. Terecht besteedde Willem daar aandacht aan, het was een aardige man die miljoenen mensen enkele vrolijke ogenblikken bezorgd heeft, alle reden dus om even aan hem terug te denken.
Etymologie
*afgeleid van "stampen" en , wellicht naar het voorbeeld van saxofoon en xylofoon, omdat het geluid vooral werd voortgebracht door ermee op de grond te stampen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek