steilte

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een helling met een hoog stijgingspercentage
    Veel belles filles zijn er niet, die zich woensdag naar boven wagen. Zij is er wel, de jonge vrouw roept hogere machten aan als zij op haar fiets de laatste steilte ontwaart. ‘Mon Dieu! Non! NON!’ Ze was toch al aan het zwalken.
  2. het stijgingspercentage van een helling
    De vier noodbruggen zijn gebouwd in augustus, de helft van de doorgangen is sindsdien afgesloten. Boldewijn heeft wethouder Litjens (Verkeer) gevraagd de steilte van de aanloop naar de bruggen te onderzoeken. "Ik kan me voorstellen dat er busjes worden ingezet om mensen naar de andere kant van de A9 te vervoeren."

Etymologie

* afleiding van steil

Vertalingen

Engelssteep inclination, steepness