stick

mannelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van stick?

stick betekent: staafvormig voorwerp

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. staafvormig voorwerp
  2. sport (sport) een slaghout bij (ijs)hockey, een hockeystick
  3. sport (sport) idem gebruikt bij golf, een golfclub
  4. informatica (informatica) een USB-stick of memorystick
  5. een wietstick of joint (meestal stickie genoemd)

Voorbeelden van "stick" in een zin

  • Bij hockey wordt gebruik gemaakt van sticks.
  • Geef me je stickje maar even, dan kan ik de bestanden kopiëren.

Betekenis en uitleg van stick

Een 'stick' is meestal een dunne, lange tak of staaf, vaak gemaakt van hout. Je kunt het gebruiken om te gooien, te spelen of zelfs als een hulpmiddel bij het maken van iets.

Het woord 'stick' wordt vaak gebruikt in de context van buitenspelen, zoals bij het verzamelen van takken voor een kampvuur of het spelen van een spel. In de sportwereld verwijst het ook naar specifieke voorwerpen, zoals een hockeystick of een honkbalbat. De nuance kan variëren afhankelijk van de context; het kan zowel een speels voorwerp zijn als een serieus hulpmiddel.

Voorbeelden

  • De kinderen verzamelden verschillende sticks om een schuilplaats in het bos te bouwen.
  • Tijdens de training leerde de coach de spelers hoe ze hun stick effectief konden gebruiken om de bal te passen.
  • Ze gebruikte een stick om de grond los te maken voor het planten van bloemen in de tuin.

Woordoorsprong

Het woord 'stick' komt van het Oudengelse 'sticca', wat 'staaf' of 'tak' betekent. Het is verwant aan verschillende Germaanse talen die soortgelijke woorden hebben voor een soortgelijk object.

Veelgestelde vragen over stick

Wat is de betekenis van stick?

stick betekent: staafvormig voorwerp

Hoeveel betekenissen heeft stick?

stick heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft stick?

stick is een mannelijk (de).

Hoe gebruik je stick in een zin?

Voorbeeld: “Bij hockey wordt gebruik gemaakt van sticks.

Etymologie

*Leenwoord uit het Engels.