Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

stiefbrus

/ˈstifbrʏs/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. familie (familie) kind uit een voorafgaand huwelijk van iemands tweede ouder
    Hun stiefbrus was een stuk jonger, maar ze konden het goed met elkaar vinden.
  2. familie (familie) kind uit een later huwelijk van iemands eigen ouder
    Toen haar moeder hertrouwde kreeg ze zelfs nog een stiefbrus.

Etymologie

*afgeleid van brus

Vertalingen

Engelsstep-sibling