stijfheid
vrouwelijk (de)/ˈstɛifhɛit/
Wat is de betekenis van stijfheid?
stijfheid betekent: het stijf zijn, de mate waarin een materiaal of een constructie zich tegen elastische vervorming verzet, de onbuigzaamheid, starheid
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het stijf zijn, de mate waarin een materiaal of een constructie zich tegen elastische vervorming verzet, de onbuigzaamheid, starheid
- onhandigheid, houterigheid
- weinig hartelijke houding
Voorbeelden van "stijfheid" in een zin
- Oscar kwam overeind, rekte zich uit en deed een paar rompoefeningen om de stijfheid kwijt te raken, alsof hijzelf ook de strijd aan zou moeten gaan.
Veelgestelde vragen over stijfheid
Wat is de betekenis van stijfheid?
stijfheid betekent: het stijf zijn, de mate waarin een materiaal of een constructie zich tegen elastische vervorming verzet, de onbuigzaamheid, starheid
Hoeveel betekenissen heeft stijfheid?
stijfheid heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft stijfheid?
stijfheid is een vrouwelijk (de).
Wat zijn synoniemen van stijfheid?
Synoniemen van stijfheid zijn: rigiditeit.
Hoe gebruik je stijfheid in een zin?
Voorbeeld: “Oscar kwam overeind, rekte zich uit en deed een paar rompoefeningen om de stijfheid kwijt te raken, alsof hijzelf ook de strijd aan zou moeten gaan.”
Etymologie
*afgeleid van stijf
Vertalingen
Engelsrigor, rigour
Spaansrigor
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek