stoel
Wat is de betekenis van stoel?
stoel betekent: (meubel) een zitmeubel voor één persoon met een rugleuning
Betekenis
- (meubel) een zitmeubel voor één persoon met een rugleuning
- (plantkunde) wortelstel met stengelvoet van een plant (-> bananenstoel)
- , (verouderd) bloembodem
- (mycologie), (verouderd) paddenstoel
- (techniek) onderstel waar iets op rust (-> dakstoel, klokkenstoel, zaagstoel)
- (techniek) weefgetouw
- (medisch) faeces, ontlasting [2], stoelgang
Voorbeelden van "stoel" in een zin
- Halen jullie de stoelen even naar buiten, dan gaan we buiten eten.
- Wat ik zag toen ik me naar het huis omdraaide, zal ik nooit meer vergeten.
- Terwijl ik goedkeurend met mijn vinger langs de vergulde lambrisering streek, de dikte voelde van de stof van de zware, oker overgordijnen en de stoel wegschoof om de openslaande deuren te openen naar het terras, dat uitzicht bood op de rozentuin, of wat daarvan over was, en de vijver met de defecte fontein, bedacht ik dat ik nog tijd genoeg zou hebben om deze kamer en detail te beschrijven.
Betekenis en uitleg van stoel
Een stoel is een meubelstuk dat ontworpen is om op te zitten. Het heeft meestal een zitting, een rugleuning en soms armleuningen, waardoor het comfortabel en functioneel is voor verschillende activiteiten, zoals eten, werken of ontspannen.
Het woord 'stoel' wordt vaak gebruikt in situaties waar mensen samenkomen, zoals aan de eettafel of in een vergaderruimte. Stoelen variëren in stijl en functie, van eenvoudige krukken tot luxe fauteuils. Daarnaast kan het woord ook figuurlijk gebruikt worden, bijvoorbeeld in de context van 'de stoel van de macht', waarbij het verwijst naar autoriteit of invloed.
Voorbeelden
- Na een lange dag werken, plofte ik neer op mijn favoriete stoel met een boek.
- Tijdens de vergadering waren er niet genoeg stoelen voor iedereen, waardoor sommige mensen moesten staan.
- De oude houten stoel in de hoek van de kamer heeft veel herinneringen en verhalen te vertellen.
Woordoorsprong
Het woord 'stoel' komt van het Oudnederlands 'stola', dat verwant is aan het Duitse 'Stuhl', en verwijst naar een zitmeubel.
Veelgestelde vragen over stoel
Wat is de betekenis van stoel?
stoel betekent: (meubel) een zitmeubel voor één persoon met een rugleuning
Hoeveel betekenissen heeft stoel?
stoel heeft 7 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft stoel?
stoel is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je stoel in een zin?
Voorbeeld: “Halen jullie de stoelen even naar buiten, dan gaan we buiten eten.”
Etymologie
* In de betekenis van ‘zitplaats’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901
Uitdrukkingen
- In zijn stoel neerploffen — (Al dan niet letterlijk) Vermoeid in zijn stoel gaan zitten; neerploffen, neerzijgen
- Op de stoel van de rechter gaan zitten — In een kwestie zelf voor rechter spelen (terwijl men daarvoor eigenlijk niet in de gepaste positie is)
- Tussen twee stoelen in de as vallen — Mislukken
- Voor stoelen en banken praten/preken — Iets vertellen zonder toehoorders
- Zijn mening niet onder stoelen of banken steken — Zijn mening luid en duidelijk verkondigen