stoom

mannelijk (de)/stom/

Wat is de betekenis van stoom?

stoom betekent: (natuurkunde), (techniek) gasvormige aggregatietoestand van water

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. natuurkunde, techniek (natuurkunde), (techniek) gasvormige aggregatietoestand van water

Betekenis en uitleg van stoom

Stoom is de gasvormige toestand van water die ontstaat wanneer het verhit wordt. Het is vaak zichtbaar als een witte, wolkachtige damp die uit bijvoorbeeld een fluitketel komt wanneer het water kookt.

Het woord 'stoom' wordt vaak gebruikt in de context van koken, waar het een manier van bereiden aanduidt die voedsel zacht en sappig houdt. Daarnaast komt stoom ook voor in de industrie, waar het gebruikt wordt om machines aan te drijven of als onderdeel van een proces. In figuurlijke zin kan 'stoom' ook verwijzen naar het uiten van frustratie of emoties, zoals in de uitdrukking 'stoom afblazen'.

Voorbeelden

  • Na het koken van de groenten kwam er een dikke laag stoom uit de pan.
  • In de energiecentrale wordt stoom gebruikt om turbines aan te drijven.
  • Na een lange dag werken moest hij echt even stoom afblazen met een potje tennis.

Woordoorsprong

Het woord 'stoom' komt van het Middelnederlandse 'stome', dat verwant is aan het Oudhoogduitse 'stouma', wat ook 'damp' betekent.

Veelgestelde vragen over stoom

Wat is de betekenis van stoom?

stoom betekent: (natuurkunde), (techniek) gasvormige aggregatietoestand van water

Welk woordgeslacht heeft stoom?

stoom is een mannelijk (de).

Etymologie

* In de betekenis van ‘damp van water’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1669

Uitdrukkingen

  • De stoom komt uit zijn (mijn/jouw, ...) oren.Gezegd over iemand die erg kwaad is
  • Met stoom en kokend waterErg gehaast, en/of onder grote pressie [1]
  • Stoom afblazenJe hart over iets luchten; bijkomen na een zware inspanning

Vertalingen

Engelssteam, vapor, vapour
Fransvapeur
DuitsDampf
Spaansvapor
Italiaansvapore