strekking
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het gebied waarover het zich uitstrekt, betekenis, teneur.
- de bedoeling, het doel
- beloop, richting
- (geologie) richting van een geologische laag zijnde de hoek tussen het noorden en de snijlijn met het horizontale vlak
- (politiek, België) vleugel van een partij.Kevin McCarthy werd weggestemd door de conservatieve strekking binnen de Republikeinse partij.
Etymologie
* van strekken
Vertalingen
Engelspurpose, intent
Spaansintención, tendencia, finalidad
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek