stremming

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een onderbreking in de normale stroom van het verkeer
    De stremming op het spoor tussen Lelystad en Almere Oostvaarders is veroorzaakt door een breuk in een spoorstaaf.
  2. het neerslaan van opgeloste eiwitten door coagulatie
    Caseïne wordt gemaakt van afgeroomde melk door zuurneerslag of stremming met melkzuurbacteriën.

Etymologie

* van stremmen .