studiejaar
onzijdig (het)/ˈstydiˌjar/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- periode van 12 maanden, gebruikt is om te studerenDeze oplieiding kost drie studiejaren
- elk van de perioden van 12 maanden waarin een meerjarig studieprogramma is verdeeldHij zit in het tweede studiejaar
- periode in het leven dat iemand student isHet was alsof hij terug in de tijd reisde naar zijn studiejaren in Dresden. Maar ongetrouwde studentenbroekies kon je het vergeven, hij was er zelf een geweest. Met getrouwde, ontwikkelde mannen was het een heel andere kwestie.
- alle leerlingen die gelijktijdig zijn begonnen met de studieHij is van het studiejaar 1974
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek