stuifsel
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gemalen graan
- stof dat kan opwaaien
- stuifmeelHet zat op zijn rug met de vlerkjes vast en roerde zijn lijfje nog en had een kringetje stuifsel om zich gemaakt.
Etymologie
*afleiding van (nomact) van stuiven
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek