supergeleiding

vrouwelijk (de)/ˈsypərɣəˌlɛidɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. natuurkunde (natuurkunde) de afwezigheid van elektrische weerstand bij extreem lage temperaturen van enkele graden boven het absolute nulpunt (0 graden kelvin)
    Bij supergeleiding is er geen energieverlies in de geleiders.

Etymologie

*afgeleid van geleiding , om aan te geven dat het om een toestand gaat boven die van normale stroomgeleiding

Vertalingen

Engelssuperconductivity
Franssupraconduction
DuitsSupraleitung
Spaanssuperconductividad