synoptici

/siˈnɔptisi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. religie (religie) (christelijk) benaming voor de evangelisten Mattheus, Marcus en Lucas
    Vanaf het einde van de 18e eeuw noemt men de eerste drie evangelisten vanwege de grote overeenstemming in hun teksten "synoptici" (synopsis is een overzicht van de parallellen) ter onderscheiding van het anders opgezette vierde evangelie.

Etymologie

*van Latijn "synoptici", omdat hun evangeliën tot een gecombineerde visie, een ""synopsis"", kunnen worden herleid