t.e.m.

/ˈtɔtɛ(n)ˌmɛt/

Wat is de betekenis van t.e.m.?

t.e.m. betekent: voor een periode die eindigt met het einde van

Betekenis

voorzetsel
  1. voor een periode die eindigt met het einde van
  2. in een reeks met als laatste onderdeel

Voorbeelden van "t.e.m." in een zin

  • Aangezien in het jaar 1943 besloten werd onder de toen heersende omstandigheden geen prijs uit te reiken, is er thans een periode van acht jaar verstreken, over welke twee prijzen op het gebied van biografie en cultuurgeschiedenis kunnen worden toegekend, en wel één voor de periode 1939 t.e.m. 1942 en een voor die van 1943 t.e.m. 1946.
  • Opvallend is ook dat ik van het twintigtal a- t.e.m. z-woorden die De Coster signaleert, de helft, nl. die van armoede, belastingheffing, corruptie, deflatie, demotie, denivellering, fraude, grondtroepen, homoseksueel, kaffer, kanker, porno, niet ben tegengekomen.

Etymologie

*(afkorting) tot en met