takelaar

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kraanwagen
    Met een kraan werd geprobeerd de auto uit het gat te halen, maar de kraan bleek te zwaar. Het risico dat de grond verder zou verzakken, was daardoor te groot. Uiteindelijk wist een andere takelaar het voertuig wel uit het gat te trekken. Tubantia 03-03-18 [https://www.tubantia.nl/binnenland/karel-zakt-met-auto-in-sinkhole-hij-ging-zo-tjoek-naar-beneden~a1aeeb5c/ Karel zakt met auto in sinkhole: 'Hij ging zo 'tjoek' naar beneden']
  2. iemand die een kraanwagen bedient
    Een auto wordt weggesleept. Stoere mannen hijsen met onverzettelijke achteloosheid een gloednieuwe sportautomobiel van de stoep. ...... O, zo. Echt waar, ik heb een keer gezien dat een van die takelaars goedkeurend op de schouder werd getikt en een sigaar kreeg aangeboden. NRC Jean-Paul Franssens 28 juli 1992 [https://www.nrc.nl/nieuws/1992/07/28/leedvermaak-7151098-a1200384 Leedvermaak]
  3. iemand die het tuig van een (zeil)schip in orde maakt

Etymologie

* afleiding van takelen