tapis-plain
mannelijk (de)/tapiˈplɛ̃ː/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kamerbreed gelegd tapijt, vaste vloerbedekking
Etymologie
*van Belgisch-Frans """, (samenkoppeling) geschreven met een koppelteken volgens
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*van Belgisch-Frans """, (samenkoppeling) geschreven met een koppelteken volgens