tatoeage

vrouwelijk (de)/ˌtatuˈwaʒə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het tatoeëren
  2. een tekening die met naald en inkt blijvend in de huid is aangebracht
    Een Keltische tatoeage siert zijn bovenarm.
    Deze 21-jarige Jet uit Madison, Wisconsin, was een week voor mij gestart en had een enorme hoeveelheid tatoeages.

Etymologie

* van tatoeëren

Vertalingen

Engelstattoo
Franstatouage
DuitsTätowierung
Spaanstatuaje
Turksdövme