terts

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) de derde trap van een diatonische toonladder
  2. muziek (muziek) een interval met een toonafstand zoals die van de eerste naar de derde toon van een diatonische toonladder
  3. religie (religie) een van de kleine kerkelijke getijden
    Rond negen uur 's ochtends wordt, met name in kloosters, het officie van de terts gebeden.

Etymologie

*van Latijn "tertius" "derde"

Vertalingen

Engelsthird
Franstierce
DuitsTerz
Spaanstercera