theatertour

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de rondgang van een artiest langs verschillende schouwburgen.
    De cabaretier ging met zijn cabaretprogramma een theatertour langs 20 schouwburgen maken.
    "De ene dag zat ik in het ziekenhuis voor afspraken of behandelingen en de andere dag stond ik op te treden in een vol Ahoy, Gelredome of mijn theatertour", schreef ze toen.