thuiszit
Wat is de betekenis van thuiszit?
thuiszit betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van thuiszitten
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van thuiszitten
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van thuiszitten
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van thuiszitten
Voorbeelden van "thuiszit" in een zin
- ... dat ik thuiszit.
- ... dat jij thuiszit.
- ... dat hij thuiszit.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek