woorden
boek
Start
›
T
›
Tichelaar
Tichelaar
mannelijk (de)
/ˈtɪxəˌlar/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
beroep
(beroep) iemand die werkt in een steenfabriek
Etymologie
* van tichelen
Synoniemen
steenbakker
pannenbakker
Bekijk alle synoniemen →
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
📖 Synoniemen van Tichelaar
← tichel
tichelaars →
Meer woorden met T
tekstloos
thuiskomt
tongzoent
toplopers
troontjes
tropeeën
tankkorps
temperatuurverloop
tennisrok
terloopse