Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
tiesjebof
/ΛtiΚΙbΙf/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vastendag op 9 av, ter herinnering aan de verwoesting van de tempel
Etymologie
* Herkomst: Jiddisj, geschreven met een hoofdletter volgens
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek