Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

tikoen

/tiˈkun/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. gebedswaken in de nachten van Sjavoeot en Hosjana Raba (die volgens de kabbalistiek een bijzondere heiligheid hebben)
  2. Tora in de vorm van een gebonden boek zonder masoretische tekens, waaruit de baΓ€l koree oefent

Etymologie

* Herkomst: Hebreeuws, letterlijk: 'inrichting, verbetering'

Vertalingen

EngelsTikkun Leil Shavuot