timbaal
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziekinstrument) een metalen slagwerkinstrument bestaat uit een ronde, iets gekromde metalen schijf die, afhankelijk van het gebruik, in het midden opgehangen is in een standaard of met een koord of riem wordt vastgehouden
- puddingvorm
Etymologie
* uit het frans
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek