toezichter

mannelijk (de)/tuzɪxtər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand controleert of alles goed en ordelijk verloopt; iemand die controleert of iedereen zich aan de regels houdt; iemand die het toezicht houdt
    Consumentenorganisaties in de Verenigde Staten beschuldigen Tesla ervan automobilisten te misleiden met uitspraken over de veiligheid en mogelijkheden van zijn Autopilot-technologie. De maker van elektrische auto’s zou daarom eens goed onder de loep genomen moeten worden door toezichter Federal Trade Commission (FTC), zeggen Center for Auto Safety en Consumer Watchdog. Reformatorisch Dagblad 23-05-2018 [https://www.rd.nl/vandaag/economie/tesla-misleidt-mensen-met-zijn-autopilot-1.1489290 „Tesla misleidt mensen met zijn Autopilot”]
    De Antwerpse Zoo verwacht geen grote impact. 'We hebben de voorbije jaren al fors geïnvesteerd in dierenwelzijn', zegt de woordvoerder. 'Daar waar het publiek in contact komt met de dieren, is permanent een toezichter aanwezig. En de kinderboerderij in Planckendael werd vorig jaar al gesloten na enkele problemen.' De Standaard 23/04/2018 door edm, poj [http://www.standaard.be/cnt/dmf20180422_03475866 Antwerpse Zoo: 'Al fors geïnvesteerd in dierenwelzijn']

Etymologie

* afleiding van toezicht