toga

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Wat is de betekenis van toga?

toga betekent: (kleding) ceremonieel kledingstuk voor professor, advocaat en rechter

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. kleding (kleding) ceremonieel kledingstuk voor professor, advocaat en rechter

Voorbeelden van "toga" in een zin

  • Toen de rechter zijn toga uitdeed werd hij een veel minder indrukwekkende verschijning.

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘kleed’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1734

Vertalingen

Engelsdress, gown, robe
Spaansbata, ropón, toga