tokken
/ˈtɔkə(n)/
Betekenis
werkwoord
- het klokkende geluid van een kip voortbrengen
- proberen te lokken
- korte, rukkende bewegingen maken
- lichte stotende beweging maken
Etymologie
*: "tok" met uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*: "tok" met uitgang -en