toko
/ˈtoko/
Wat is de betekenis van toko?
toko betekent: winkel
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- winkel
- winkel voor Indonesische gerechten en ingrediënten
- (schertsend) (figuurlijk) bedrijf
Voorbeelden van "toko" in een zin
- Zij is een toko in kinderkleertjes begonnen.
- Voor het restaurant zoeken we een ervaren chefkok die weet hoe je zo'n toko moet runnen.
Etymologie
*uit het toko
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek