toko

/ˈtoko/

Wat is de betekenis van toko?

toko betekent: winkel

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. winkel
  2. winkel voor Indonesische gerechten en ingrediënten
  3. schertsend, figuurlijk (schertsend) (figuurlijk) bedrijf

Voorbeelden van "toko" in een zin

  • Zij is een toko in kinderkleertjes begonnen.
  • Voor het restaurant zoeken we een ervaren chefkok die weet hoe je zo'n toko moet runnen.

Veelgestelde vragen over toko

Wat is de betekenis van toko?

toko betekent: winkel

Hoeveel betekenissen heeft toko?

toko heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je toko in een zin?

Voorbeeld: “Zij is een toko in kinderkleertjes begonnen.

Etymologie

*uit het toko