toonomvang
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziek) het spectrum van tonen dat een stem of instrument kan voortbrengenDe enorme toonomvang van een kerkorgel.
Vertalingen
Fransambitus, tessiture
DuitsTonumfang
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek