Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

touro

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈtɑuro/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de vijf boeken van Mozes, de eerste vijf boeken van de Bijbel; de Wet (chr. benaming)
  2. de overgeleverde leer als geheel, de joodse godsdienstige literatuur als geheel

Etymologie

* Herkomst: Asjkenazisch Hebreeuws, letterlijk: 'onderwijzing, leer'

Vertalingen

EngelsTorah