tramrail
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- trambaan
- de binnenste en buitenste zijlijnen van het speelveld bij tennis.
- groefrailsHet voorwiel van een fiets kan komen te zitten in de tramrails.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek