trans

mannelijk (de)/trɑns/

Wat is de betekenis van trans?

trans betekent: (bouwkunde) omgang op de top van een toren

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) omgang op de top van een toren
zelfstandig naamwoord
  1. lhbt (lhbt) iemand met een geslachtelijke identiteit die verschilt van de biologische sekse bij geboorte

Voorbeelden van "trans" in een zin

  • De boogschutters stonden gereed op de trans.

Etymologie

* [C] van Latijn "trans"