traptrede

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈtrɑptredə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een deel van een trap waarop men kan staan
    Er zitten 32 traptreden in deze trap.
    Toen Harald de laatste traptrede op de grond bereikte, versperde Oscar hem de weg met een stevige greep om beide trapleuningen.

Vertalingen

Engelsstair
Fransmarche d'escalier
DuitsTreppenstufe