treuzel

vrouwelijk (de)

Wat is de betekenis van treuzel?

treuzel betekent: treuzelaar

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. treuzelaar
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van treuzelen
  2. gebiedende wijs van treuzelen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van treuzelen

Voorbeelden van "treuzel" in een zin

  • Ik treuzel.
  • Treuzel!
  • Treuzel je?

Veelgestelde vragen over treuzel

Wat is de betekenis van treuzel?

treuzel betekent: treuzelaar

Hoeveel betekenissen heeft treuzel?

treuzel heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft treuzel?

treuzel is een vrouwelijk (de).

Hoe gebruik je treuzel in een zin?

Voorbeeld: “Ik treuzel.