tril

Wat is de betekenis van tril?

tril betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van trillen

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van trillen
  2. gebiedende wijs van trillen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van trillen

Voorbeelden van "tril" in een zin

  • Ik tril.
  • Tril!
  • Tril je?