Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
tripling
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈtrɪplɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verkeer) dubbel inhalen; het passeren van een voertuig terwijl dat zelf een ander voertuig passeertHet verbod op tripling (dubbel inhalen) geldt ook als het eerste dubbel ingehaald voertuig een motorfiets, een fiets of bromfiets is.
Etymologie
*van "tripling" "verdriedubbeling"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek