tros
Wat is de betekenis van tros?
tros betekent: (biologie) bloeiwijze
Betekenis
- (biologie) bloeiwijze
- bundel vruchten die uit een dergelijke bloeiwijze voortkomen
- (scheepvaart) een uit minstens drie kardelen geslagen touw dat dikker is dan een lijn (4 cm omtrek)
- (militair) door een leger meegevoerde bagage en reserves en de daarbij gebruikte voertuigen en personen
Betekenis en uitleg van tros
Een tros is een groep of bundel van vruchten of bloemen die aan een plant hangt. Denk hierbij aan druiven of bananen, die vaak in trossen groeien en zo samen een mooi geheel vormen.
Het woord 'tros' wordt vaak gebruikt in de context van landbouw en tuinieren, maar ook in de keuken wanneer je het hebt over ingrediënten. Het geeft een gevoel van samenhang en overvloed, bijvoorbeeld wanneer je een tros druiven plukt om te delen. In bredere zin kan het ook gebruikt worden om een verzameling van vergelijkbare dingen aan te duiden.
Voorbeelden
- Op de markt kocht ik een tros verse druiven voor het avondeten.
- De bloemen stonden prachtig in een tros bij de ingang van de tuin.
- Tijdens de wandeling zagen we een tros bessen aan de struik hangen.
Woordoorsprong
Het woord 'tros' stamt af van het Middelnederlandse 'trosse', wat ook een bundel of groep aanduidde. Het is verwant aan woorden in andere Germaanse talen die vergelijkbare betekenissen hebben.
Veelgestelde vragen over tros
Wat is de betekenis van tros?
tros betekent: (biologie) bloeiwijze
Hoeveel betekenissen heeft tros?
tros heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft tros?
tros is een mannelijk (de).
Etymologie
*[4] via "Troß" van "trousse", in de betekenis van ‘legertros’ voor het eerst aangetroffen in 1542