Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

tweehonderdtweeënzestig

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌtwehɔndərˈtwejənˌsɛstəx/

Betekenis

telwoord
  1. "262", het getal tussen tweehonderdeenenzestig en tweehonderddrieënzestig, tweehonderd plus tweeënzestig
  2. om een hoeveelheid aan te geven
    De totale kosten bedragen tweehonderdtweeënzestig euro en zevenendertig cent.
  3. om een plaats in een volgorde aan te geven
    We logeerden vlakbij het strand in kamer tweehonderdtweeënzestig van het grootste hotel.
zelfstandig naamwoord
  1. dat wat in een (rang)ordening met 262 is aangeduid
    Als jij tweehonderdtweeënzestig opruimt doe ik de twee kamers daarna wel, want die zijn kleiner.
  2. groep van 262 eenheden
    Die tweehonderdtweeënzestig kunnen onmogelijk een complete brigade met tanks tegenhouden.

Vertalingen

Fransdeux-cent-soixante-deux
Duitszweihundertzweiundsechzig
Italiaansduecentosessantadue